Geschiedenis in vogelvlucht van Recreatiecentrum Sondel bv, op de terreinen en in de gebouwen van het voormalig "Kampf Eisbär" te Sondel een radarpost uit de tweede wereldoorlog.

 

Sondel is gelegen tegen een lichte verhoging in het Gaasterlandse landschap, een zg. gaast. De gaasten zijn in de ijstijden gevormd door gletsjers, die het zand en de leem opschoven en achterlieten. Deze gaasten worden al eeuwen door de mens gebruikt als weide- en akkerbouw gronden.

Hoogste punt Sondeler Gaast

ansichtkaart jaren 50

1942/1943   Aanvang bouw ‘Kampf Eisbär”. Vervanging van houten barakken door stenen slaapbunkers, ± 1 meter diep op de leemlaag en opgebouwd uit 60 cm dikke muren van slechte kwaliteit rode baksteen. De fundering bestond uit een 40cm dikke betonplaat zonder wapening en het dak uit een 40 cm dikke betonplaat waar bijna geen wapening in was verwerkt. De bunkers waren gedeeltelijk afgedekt met grond en camouflagenetten om het geheel van bovenaf onzichtbaar te maken. De bouw werd uitgevoerd door de bewoners uit de omgeving, die zoveel mogelijk probeerden de bouw te frustreren. Als de Duitsers niet keken dan verdwenen stenen, cement, zand e.d. en werden gebruikt om schuren te bouwen of te verhandelen op de zwarte markt. Dat is mede de oorzaak, waarom de gebouwen zo slecht gebouwd waren.
1943   In gebruik als radarpost als onderdeel van een grote keten van posten, het zg. "Himmelbett systeem",  langs de gehele toenmalige Duitse grens, van Denemarken tot zuid Frankrijk. Met drie radars, twee Würtzberg en een Freya, werden de Geallieerde bommenwerpers gepeild. Het signaal werd doorgegeven naar de grote commandobunker en zichtbaar gemaakt op een grote glazen plaat die de landkaart van Nederland voorstelde en vervolgens doorgegeven aan de vliegbasis Leeuwarden. De nachtjagers konden dan opstijgen om te proberen de bommenwerpers neer te halen. De Würtzbergschotels hadden een doorsnede van 7,5 meter en stonden op het hoogste punt van het totale kamp in het weiland. De Freya-antenne was geplaatst op de eerste bunker van de middelste rij en dat was aan het dak van deze bunker nog te zien.

Würtzbergschotel

ansichtkaart jaren 50

1944    Doordat de geallieerden zilverpapier gingen strooien, zijn de radarposten niet lang in gebruik geweest en dat is hoogstwaarschijnlijk de reden waarom het eind 1944 niet gebombardeerd is. De totale bezetting bestond uit ongeveer 400 personen, waaronder een groot aantal vrouwen. Omdat er voor de bediening van een radarpost niet zoveel manschappen nodig waren, is onduidelijk waarom de bezetting uit zoveel manschappen bestond. De verhouding van de omgeving en het kamp was niet slecht. Bij een razzia voor de "Arbeidseinsatz" voor Duitsland, kregen de boerenjongens een "Ausweis" en deden net of ze op het kamp werkten. Als de razzia voorbij was gingen ze terug naar de boerderij en bij luchtalarm doken vervolgens veel Duitsers onder in de directe omgeving. Achter op het kamp stonden een aantal barakken waarin een ander soort "Dames” hun werk deden. Een vrachtrijder en zijn jongere broer uit Amsterdam die, met een vracht aardappels, een nacht in de bunkers moesten overnachten, lagen achter een afzetting stiekem te kijken wat daar gaande was, totdat een zware Duitse laars hun, onder het zitvlak, tot de orde riep. Zij waren daarna zo bang, dat ze in de vrachtwagen hebben overnacht en nooit meer terug zijn geweest. (verteld door de jongere broer zelf, in voorjaar 1998)  
1945    Het kamp wordt door de "Waffen SS" uit Lemmer in haast ontmanteld en de schotels, glazen plaat en gegevens worden vernietigd, waarna de Canadezen de zeggenschap over het kamp overnemen en dat korte tijd later over doen aan de Nederlandse overheid. Het kamp wordt dan zo’n anderhalf jaar gebruikt om  "NSB’ers” op te sluiten. De Nederlandse Binnenlandse Strijdkrachten, het voormalige verzet, bewaakt deze gevangenen. Naast deze bewakers worden ook politieagenten voor de bewaking ingezet. De zware NSB’ers werden door de bewakers veel strenger aangepakt dan de anderen. Zo moest een o.a. een dokter de beerputten leegscheppen. Nadat het kamp voor deze taak gesloten wordt, koopt Dhr. Boomsma uit Sondel het kamp op, met de bedoeling er fabrieken te vestigen. Maar doordat er geen personeel te krijgen is, stagneren deze plannen en gebruikt hij de bunkers voor opslag van pootaardappelen.

bord pootaardappelen 1952

ansichtkaart jaren 50

1947/1952    Boomsma neemt een beheerder in dienst, die voor hem de bedrijfsleiding overneemt. Deze beheerder, Dhr. van de Werf en zijn gezin, begint met het verhuren van de bunkers aan vakantiegangers. In 1952 emigreert het gezin Van de Werf naar Canada en Boomsma verkoopt het bedrijf aan Dhr. Mulder, een boer uit Nijemirdum, die zijn zoon Dhr. J. Mulder het bedrijf laat runnen.
1953/1978    Het bedrijf groeit in die jaren uit tot een begrip in Nederland en Noord Duitsland. In 1953 wordt de huidige beplanting aangelegd. Het aantal bedden bedroeg 270. Er wordt in twee groepen gegeten en men had twee koks in dienst. De "hoofdkok" is het gehele jaar in dienst en doet in de winter het onderhoud. Zomers woont hij in een bunker op de heuvel, achter de grote bunker, die als kantine fungeerde. Het openluchttheater wordt gemaakt van grond van het kampeerveld t/o de kantine en in 1970 wordt hierin het zwembad aangelegd. In deze tijd wordt ook de bovenbouw op de grote bunker neergezet als filmzaal en kantine. In de hoogtij dagen komen er in de bunkers 25.000 personen per seizoen. In 1972 wordt de uitbreiding van de camping gerealiseerd op het boerenland naast het kamp en groeit uit tot de drukste camping van Friesland, waar men voor sommige gedeeltes, drie jaar van tevoren moest boeken om er drie weken te mogen staan. Dhr. Mulder gaat in de politiek en heeft steeds minder tijd voor het bedrijf. Zijn vrouw zet het bedrijf voort met diverse bedrijfsleiders. 

ansichtkaart jaren 60

ansichtkaart jaren 60

1978/1998   De Fam. Mulder verkoopt het bedrijf aan een familie uit Haarlem. Het bedrijf raakt in verval.

In januari 1998 wordt het bedrijf overgenomen door de fam. Landman  en deze proberen het bedrijf weer terug te brengen naar wat het was, een goede drie sterren camping. De bunkers met het groepsgebeuren is een verhaal apart. De zéér slechte staat van deze gebouwen en de veranderde markt, maakt het noodzakelijk op korte termijn radicale maatregelen te nemen.

2000/2001   De plannen worden ontwikkelt om de bunkers te slopen en er recreatiebungalows voor in de plaats te zetten. De gemeente en provincie hebben de plannen aangeboden gekregen en reageerde positief.

 

April 2003, na ernstige vertraging door de gemeente Gaastelân-Sleat (de Duitsers waren vergeten een “bouwvergunning” aan te vragen), is eindelijk de bouw van de modelwoning van start gegaan. 

Najaar 2003 wordt begonnen met de sloop van de bunkers en start de verkoop van de kavels.

 

Modelwoning

oude kantine

In januari 2004  wordt de grote bunker met de kantineopbouw gesloopt en wordt begonnen met het opruimen en breken van het puin.

 

 

2006 40 recreatiebungalows klaar
2008 centrumvoorziening.  
2011 Modelwoning voor 30 nieuwe recreatiebungalows